Netwerken

Computer systemen kunnen worden gekoppeld via netwerken, waarmee het mogelijk wordt om data te transporteren. Ook binnen Industriële Automatisering worden netwerken gebruikt om systemen te koppelen. Denk bijvoorbeeld aan een PLC die aan een computer wordt gekoppeld om software te laden, de PLC configuratie aan te passen of status informatie van de PLC op te vragen.

Een (computer)netwerk in de simpelste vorm bestaat uit 2 systemen (bijvoorbeeld een PC en een PLC) en een netwerk kabel. Beide systemen worden fysiek met de kabel verbonden. Vervolgens dient het netwerk geconfigureerd te worden. Dit gebeurt door de volgende twee dingen in te stellen:
1. Het IP adres
2. Het subnetmasker

Het IP adres (Internet Protocol) is een uniek adres binnen een netwerk waarop een systeem of apparaat bereikbaar is. Bij de communicatie wordt altijd dit adres gebruikt om een bericht naar de juiste ontvanger te sturen. Het IP adres bestaat uit 32 bits of 4 bytes, weergegeven als 4 getallen tussen 0 en 255 gescheiden door een punt (bijvoorbeeld: 192.168.1.15). Het eerste deel van het IP adres wordt het netwerk nummer genoemd. Het overige deel is het host (apparaat) nummer. Het subnetmasker bepaald wat het netwerk nummer van het IP adres is en welk deel het host nummer. Apparaten die hetzelfde netwerk nummer hebben kunnen direct met elkaar communiceren. Apparaten met een verschillend netwerknummer kunnen niet direct communiceren, daar is dan een router voor nodig die berichten tussen verschillende netwerken heen en weer kan sturen.

Het subnetmasker is ook een 32 bit getal dat op dezelfde manier als het IP adres wordt weergegeven. Het wordt gebruikt om het subnet te definiëren (vandaar de naam). Alle apparaten binnen hetzelfde subnet hebben hetzelfde netwerk nummer en behoren daarom tot hetzelfde netwerk.

Een voorbeeld:
Een PC heeft een IP adres van 192.168.10.1 met een subnetmasker van 255.255.255.0.
Het netwerk nummer van dit netwerk is: 192.168.10.0. Het host nummer van de PC is: 0.0.0.1.
Er wordt nu een PLC gekoppeld aan de PC. De PLC heeft het IP adres 192.168.10.2, ook met het subnetmasker 255.255.255.0. Het host nummer van de PLC is: 0.0.0.2.

Beide apparaten kunnen nu met elkaar communiceren, omdat:
– ze allebei hetzelfde subnetmasker hebben (namelijk: 255.255.255.0)
– ze allebei hetzelfde netwerk nummer hebben (namelijk: 192.168.10.0)
– ze allebei een uniek host nummer hebben